In mei denkt u waarschijnlijk nog niet na over oliebollen of een kerstboom. Voor verkopers is dat anders. Zij vragen in het voorjaar een vergunning aan. Momenteel hebben bestaande ondernemers voorrang op een vergunning ten opzichte van nieuwe ondernemers. Dat is oneerlijk en in strijd met de Europese wetgeving. Daarom veranderen we de regels.
Ondernemers krijgen voortaan een vergunning voor een vaste periode: 10 jaar voor oliebollenverkopers en 5 jaar voor kerstboomverkopers. Deze nieuwe regels geven bestaande ondernemers meer duidelijkheid en bieden nieuwe ondernemers de kans om toe te treden.
Oliebollenverkoop: vergunningen voor 10 jaar
Vanaf komend seizoen verstrekken we aan oliebollenverkopers vergunningen voor 10 jaar. Deze termijn sluit aan bij de investeringen die ondernemers doen, zoals in kramen, apparatuur en transport, en de tijd die nodig is om een klantenkring op te bouwen. Voor de huidige verkopers komt er een overgangsregeling. Ook voegen we 5 extra standplaatsen toe, zodat nieuwe ondernemers meer kansen krijgen.
Kerstbomenverkoop: vergunningen voor 5 jaar
Voor kerstboomverkopers geldt straks een vergunning voor 5 jaar. Uit onderzoek blijkt dat hun investeringen vaak lager zijn en sneller worden terugverdiend. Ook voor deze groep komt er een overgangsregeling.
Toewijzen van vergunningen
Op dit moment worden nieuwe vergunningen voor oliebollen- en kerstboomverkopers verloot. We onderzoeken of het wettelijk mogelijk is om ook andere factoren mee te laten wegen, zoals de betekenis van een kraam voor de wijk, de band van een verkoper met de klanten en de betrokkenheid van de ondernemer bij andere activiteiten in de wijk.
Vertrouwde gezichten
Wethouder Sofyan Mbarki van Economische Zaken: “In mei denken de meeste mensen nog niet na over oliebollen en is de kerstboom al lang afgetuigd. Maar als gemeente moeten we vooruitkijken. Ik zie hoe belangrijk de oliebollentraditie is en hoe fijn het is om vertrouwde gezichten in de kraam te hebben. Daarom zijn we met de ondernemers in gesprek gegaan, met als resultaat dat dat we hen de komende 5 of 10 jaar zekerheid kunnen bieden om te ondernemen en tegelijkertijd te voldoen aan de Europese regels.”












